NG image
NG image
NG image
NG image
NG image

< Meer nieuws

Burgerlijk recht

Coronawetgeving met betrekking tot de algemene vergadering van mede-eigenaars

Om tegemoet te komen aan de vraag van de vastgoedsector naar een oplossing voor de organisatie van algemene vergaderingen van mede-eigenaars in coronatijden, voorzag de wetgever met de zogenaamde ‘Coronawet’ van 20 december 2020 in een aantal belangrijke tijdelijke en structurele maatregelen. De tijdelijke maatregelen werden inmiddels reeds verlengd in het koninklijk besluit van 5 maart 2020.

De krachtlijnen van deze nieuwe wetgeving met betrekking tot het houden van een algemene vergadering van mede-eigenaars kunnen worden samengevat als volgt:

Mogelijkheid tot tijdelijk uitstel van algemene vergaderingen van mede-eigenaars Algemene vergaderingen van mede-eigenaars die:

• tijdens de periode van 10 maart 2020 tot en met 30 juni 2020 werden uitgesteld en niet werden ingehaald tegen ten laatste 30 november 2020, en

• in de periode van 1 oktober 2020 tot en met 30 juni 2021 moe(s)ten plaatsvinden,

kunnen door de syndicus worden uitgesteld met één jaar of, anders gezegd, naar de eerstvolgende 15-daagse periode die in het reglement van interne orde is vastgelegd voor het houden van de jaarlijkse algemene vergadering.

De syndicus kan niettemin worden verplicht een algemene vergadering te houden wanneer een beslissing zich opdringt of op verzoek van een of meerdere mede-eigenaars die ten minste 20% van de aandelen in de gemeenschappelijke delen bezitten.

Bij uitstel van de algemene vergadering wordt de duur van de mandaten van de door de algemene vergadering benoemde syndici, leden van de raad van mede-eigendom en commissarissen van de rekeningen van rechtswege verlengd tot de eerstvolgende algemene vergadering. De syndicus oefent praktisch verder zijn bevoegdheden uit in overeenstemming met de beslissingen van de laatste algemene vergadering.

Tijdelijke versoepeling van de unanimiteitsvereiste voor schriftelijke besluitvorming
De door de wet vereiste unanimiteit voor de rechtsgeldigheid van een schriftelijke besluitvorming wordt aanzienlijk versoepeld voor de periode van 1 oktober 2020 tot en met 30 juni 2021.

Voor de schriftelijke besluitvorming gelden tijdelijk slechts hetzelfde aanwezigheids- en stemquorum als voor beslissingen van een fysieke algemene vergadering: er is een deelname aan de schriftelijke stemming vereist van meer dan de helft van de mede-eigenaars die minstens de helft van de aandelen in de gemeenschappelijke delen vertegenwoordigen en de door de wet vereiste meerderheden voor beslissingen van een (fysieke) algemene vergadering dienen behaald te worden.

De syndicus mag hierbij wel enkel rekening houden met stembrieven die hij binnen de 3 weken (of, in spoedeisende gevallen, 8 dagen) na de datum van verzending van de oproeping heeft ontvangen. Blijvende mogelijkheid tot digitaal vergaderen
De ongetwijfeld belangrijkste nieuwe maatregel is ten slotte dat de blijvende mogelijkheid om ‘vanop afstand’ deel te nemen aan algemene vergaderingen structureel in de wet werd verankerd. Voortaan is het bijgevolg ook mogelijk om digitaal – door middel van alle communicatietechnieken die een beraadslaging mogelijk maken - algemene vergaderingen bij te wonen, weliswaar op voorwaarde dat de bijeenroeping daarin expliciet voorziet.

Hoewel de wetgever dienaangaande geen uitsluitsel verschaft, moet ook het houden van hybride algemene vergaderingen (waarbij de aanwezigheid van de mede-eigenaars deels fysiek en deels digitaal is) onder dezelfde voorwaarde mogelijk worden geacht.

In geval van bijkomende vragen, kunt u vrijblijvend mr. Frederiek Baudoncq contacteren.